Nieuwerkerk – VOC 3-0
Het niveau van ons spel in de eerste helft was zeker niet om over naar huis te schrijven. Bij rust stonden we met 1-0 achter. In de rust hield Bart een gloedvol betoog om het weer op de rails te krijgen, al leek daardoor bij niemand het geloof te groeien dat een overwinning mogelijk was. Toch was dat wel het geval.
In de tweede helft toonden we meer wilskracht, lef en ambitie. Gelijk zetten we Nieuwerkerk behoorlijk onder druk. We raakten de lat, een corner ging via de kluts net naast en een bal werd van de lijn gehaald. De 1-1 maakten we niet. Het werd juist 2-0 en de wedstrijd was gespeeld. Nieuwerkerk speelde de wedstrijd fluitend uit.
In het clubhuis van VOC vroeg de trainer zich hardop af waarom we niet vanaf het begin wat brutaler en agressiever waren geweest.
‘Ja, nogal logisch: alle agressiviteit en brutaliteit zit hier!’ zei kleine Touw met een nare grijns. Hij stak een broodje worst tussen de viezigheid die voor een baard door moest gaan en vertelde trots hoe hij zich had voorbereid op zijn debuut bij het eerste. ‘Het enige vervelende van een warming up in je eentje doen, is dat je de bal telkens zelf van veld 2 moet halen als je op doel geschoten hebt,’ zei kleine Touw, ‘maar alles zelf doen ben ik wel gewend. Niemand wil de bal in het tweede. Je kunt hem nooit kwijt bij de spits, bij de rechtsbuiten, laat staan bij de nummer tien.’
Verbaasd keek ik hem aan. Ik besefte me dat mijn karakter niet mijn sterkste punt was, maar wat kleine Touw hier liet zien was ook niet al te fraai. ‘Hoe heb je eigenlijk gespeeld?’ vroeg ik hem.
‘Peter heeft me 90 minuten op de bank laten zitten,’ zei hij. Het nare ventje keek verdrietig en drukte zijn nieuwe broodje frikadel onder zijn vieze, vlassige snorretje. Ik was hem dankbaar. Het was vandaag zo saai, dat ik al bang was dat het verslag noodgedwongen alleen over de wedstrijd had moeten gaan.
Voor foto’s van de wedstrijd Nieuwerkerk 2 – V.O.C. 2, zie hier & hier

